Slaapplaatsen onder in spoorbrug in Berlijn, verlicht door gekleurde neonlampen

Bedden in neonlicht

In een galerie, waarvan ik de naam om privacy redenen niet kan noemen, vliegt steriel wit licht tegen kunstwerken zonder prijskaartje op en slaat neer in dunne laagjes op de houten vloer in een verder onbenutte ruimte, omdat de toeschouwer nu eenmaal eerst leegheid nodig heeft alvorens hij zijn bestaan ermee kan vullen. Even verderop schijnt groen neonlicht tegen bakstenen muren, over bedden van houten pallets, waarnaast kaarsen branden en er staat een fles rode wijn aan het hoofdeind. Dit had ook kunst kunnen zijn, of op zijn minst een over twee pagina’s gespreide foto in VT Wonen, als er niet ook een hond los liep die steeds even snuffelde bij in schmutzige slaapzakken verscholen hoofden. De hond zag dat alles goed was maar niets was goed maar hoe kon hij dat weten. Als dit kunst is, laat het dan kunst zijn die ik niet begrijp.

Het is hier zonder adres maar de weg er naar toe is altijd en overal eenvoudig te vinden door voorbijgangers te volgen en te stoppen op het punt waar zij hun blik afwenden, zelfs als je van het pad bent afgedwaald. Net als ik, ook al eet ik inktvissoep en zalm in een restaurant waar de obers me caballero noemen hoewel ik geen ridder ben en je van mij geen heldendaden hoeft te verwachten. Ik drink bier terwijl er ook heel goede wijn is. Dat weet ik omdat mannen in pakken zonder stropdas en het bovenste knoopje los in verschillende accenten Engels met elkaar praten en één uit hun midden kiezen die de wijn moet proeven en ze hebben geen idee waarmee ze moeten vergelijken want hoe vies het leven eigenlijk smaakt hebben zij bij geboorte nooit leren kennen en als dat niet zo is, zijn ze het lang geleden al kwijtgeraakt. Het gaat aan hen voorbij omdat ze wijn walsen, eraan ruiken en proeven en slurpen voor de vorm en tevreden knikken alvorens de ober alle glazen vult en zij lachen om een opmerking die ik niet heb verstaan maar die ongetwijfeld slecht, plat, flauw, denigrerend of een combinatie van dat al is en ik met al mijn vooroordelen welbeschouwd geen haar beter.

Meer lezen in:
  • Het glas moet wel

    Het glas moet wel

    Wanneer ik voor de derde keer de linkerpagina in mijn boek niet geregistreerd heb maar wel al aan de rechter begin, leg ik me erbij neer.

  • Taxi

    Taxi

    Hij werkt zestig uur in de week en zal dat blijven doen terwijl hij weet dat, hoe hard hij ook werkt, hij nooit genoeg zal verdienen om achterover te kunnen leunen.

  • Maak je dromen waar

    Maak je dromen waar

    Alleen mijn rode, natte neus houdt me nog wakker. Zou ik dan toch een hond zijn? Ik doe mijn ondergoed uit, probeer te blaffen, maar houd mijn sokken aan.

  • Een goede dag

    Een goede dag

    Je moet weten dat ik mijn borden bij de kringloop heb verzameld en ik daar iedere keer slechts één bord koop.

  • Waar ik eindig

    Waar ik eindig

    Ik moet soms met de nagels van mijn ene hand voelen onder die van de andere. Precies daar waar de wereld begint en de huid van mijn vingers ophoudt.

  • Herfst

    Herfst

    Terwijl ik eigenlijk moet werken en belangrijke dingen te doen heb, eet ik een beetje van mijn eigen vlees.

  • bramen

    bramen

    Hier groeien de lekkerste bramen. Ze zijn niet van mij.

  • toerdefransje

    toerdefransje

    Bovenaan het viaduct komt hij als eerste de bocht door. Zijn vrouw volgt hem op enkele meters afstand. Ze beginnen aan de afdaling richting het dorp. Het is niet stijl maar de weg is lang